Herfst vergt meer aandacht voor de tram

Dinsdag 11 oktober 2016 — Bij het vallen van de bladeren is extra waakzaamheid bij het oversteken van tramsporen geboden. Daarom pakt de MIVB deze herfst opnieuw uit met een sensibiliseringscampagne die voetgangers, fietsers en automobilisten aanspoort voorzichtig te zijn om aanrijdingen te voorkomen. Ook de trambestuurders worden van hun kant opgeleid om defensief te rijden en op delicate verkeerssituaties te anticiperen.

Afgelopen jaar voerde de MIVB 370 miljoen ritten uit, waarvan 132,7 miljoen met de tram. De trams legden alles samen 14,7 miljoen kilometer af, of 8% meer dan in 2014. De extra ritten en afgelegde kilometer zijn nodig voor de almaar talrijker wordende reizigers op het openbaar vervoer.

Maar de tram is geen voertuig als alle andere. Om ervoor te zorgen dat het samenleven met de andere weggebruikers (automobilisten, maar ook zwakke weggebruikers zoals voetgangers en fietsers) zonder incidenten verloopt, moeten bepaalde regels in acht worden genomen. De tram is een spoorvoertuig. Hij kan dus niet van zijn traject afwijken om een hindernis te ontwijken. Als de tram moet remmen is de grip van de wielen op de sporen ook minder groot dan bij een voertuig op banden. Dat betekent dat de remafstand van een tram groter is: een tram die aan 40 km/u rijdt heeft ongeveer 40 meter nodig om te stoppen, ofwel minstens één maal zijn lengte.

De herfst is een moeilijker periode

De herfst is een iets moeilijker periode voor de trams. Het vallen van de bladeren maakt de sporen gladder en aangezien de dagen korter worden, vermindert ook de zichtbaarheid. Daarom pakt de Brusselse vervoersmaatschappij ieder jaar aan het begin van de herfst uit met een sensibiliseringscampagne voor automobilisten en zwakke weggebruikers om hen uit te nodigen meer dan ooit extra waakzaamheid aan de dag te leggen en voorzichtigheid als de tram eraan komt.

«Blijf waakzaam en wees extra voorzichtig»

Het hele jaar door is het belangrijk aandachtig te zijn maar zeker in de herfst is extra voorzichtigheid bij het oversteken van de sporen aan de orde. Als voetganger, maar ook als automobilist.

“Ik merk dagelijks dat mensen almaar gehaaster zijn, dat ze hopen enkele seconden te winnen door op het laatste moment nog snel voor de tram over te steken. Maar om enkele seconden te winnen, brengen ze zichzelf, de bestuurder en de reizigers van de tram eveneens in gevaar”, legt trambestuurder Abdellatif M’Rabet uit. “De andere weggebruikers kunnen zich niet inbeelden hoeveel ongevallen een trambestuurder dagelijks vermijdt! Daarom is het essentieel hen in te lichten, hen eraan te herinneren dat de remafstand van een tram niet dezelfde is als deze van een auto. Als bestuurder worden we opgeleid om defensief te rijden, om te anticiperen, om een scherpe blik te hebben, maar de andere gebruikers moeten ook aandachtig zijn en extra voorzichtig als er een tram aankomt. Risico’s nemen om enkele seconden te winnen, dat is het niet waard!”

Een raad die safety-verantwoordelijke van de tram, Amal Kammachi, voor de volle honderd procent deelt.

“Blijf aandachtig, dat is de essentie! Vooral wie de gewoonte heeft over te steken met de ogen gericht op de smartphone, of wie vaak loopt om de bus of de tram te nemen, let best wat beter op. Ook wie achter een tram doorloopt, is beter aandachtig, want de ene tram kan de andere verstoppen.”

Minder ongevallen met voetgangers en fietsers in 2015

De trams legden het afgelopen jaar 8% meer kilometer af dan in 2014. Het aantal ongevallen met voetgangers en fietsers daalde lichtjes.

Afgelopen jaar waren er 46 ongevallen met trams en voetgangers, tegen 47 in 2014. Bij 15 ongevallen waren trams en fietsers betrokken in 2015, tegen 16 in 2014. Er viel geen enkel overlijden te betreuren (in 2014 kwamen een voetganger en een fietser om het leven na een aanrijding met een tram).

In het algemeen blijft het aantal ongevallen met trams stabiel, ondanks het feit dat de trams ieder jaar meer kilometers afleggen.

Maatregelen en campagnes

Buiten de bewustmakingscampagnes voor de voorrang van de tram, die de MIVB ieder jaar in de herfst voert, nam de Brusselse vervoersmaatschappij verschillende maatregelen om de ongevallen met een tram zoveel mogelijk te beperken.

Alle bestuurders zijn opgeleid om defensief en anticiperend rijgedrag aan de dag te leggen. Ze worden ook gesensibiliseerd voor de zwakke weggebruikers in interne bewustmakingscampagnes en volgen geregeld bijscholingen over verkeersveiligheid (onder meer herhaling van remafstanden en aangepaste snelheden afhankelijk van de omgeving waar de tram bovengronds in rijdt, net als toegenomen waakzaamheid aan het begin van de herfst).

Ieder ongeval wordt intern geanalyseerd om te bepalen of er bijkomende maatregelen kunnen en moeten worden genomen.

De voertuigen zijn uitgerust met zandkisten zodat de bestuurder zand kan strooien op het spoor voor de wielen in het geval van een probleem met de grip. De technische ploegen staan paraat om tussen te komen in geval met dergelijke problemen op het net, schoonmaaktrams rijden ’s nachts op de gedeelten van het net die het vaakst worden blootgesteld aan het vallen van de bladeren en de sites die zijn afgeboord met bomen worden voortdurend in de gaten gehouden.